Het leed dat huisvrouw heet

woensdag 11 juni 2008
Update! Inmiddels is Yvonne's boek uitgegeven door een 'echte' uitgeverij, en het heet Help! Ik ben moeder!

Yvonne van der Wal is moeder en bracht dit jaar haar eerste boek 'Het leed dat huisvrouw heet' uit bij uitgeverij Free Musketeers. Wij interviewden haar over haar werk als schrijfster in combinatie met het moederschap en het uitgeven van een boek in eigen beheer!

Ik ben geboren in 1975 en opgegroeid in Heemstede. Mijn ouders stuurden me naar De Grafische School, omdat ik iets creatiefs wilde doen. Ik blonk nergens echt in uit, behalve in tekenen en in de Nederlandse taal. Mijn enige tien kreeg ik voor een krijttekening. En ik vond ‘m zelf niet eens mooi. :-) Na het behalen van een type- en schooldiploma had ik verschillende baantjes. Ik was vroeg uit huis, dus er moest snel geld verdiend worden.

Mijn eerste baan kreeg ik bij een fotospeciaalzaak. Daarna werkte ik nog bij andere winkels maar uiteindelijk kwam ik toch weer terug in de fotobranche. Daar heb ik mijn huidige vriend leren kennen, daar ben ik nu negen jaar mee samen. En ik had er meteen een hobby bij: fotograferen.

Mijn laatste baan was bij The Body Shop. In die tijd kreeg ik een dochter (2001) en een zoon (2004). Ik heb er zeven jaar gewerkt, totdat mijn dochter PDD-NOS (een aan autisme verwante ontwikkelingsstoornis) bleek te hebben.

Daarnaast had mijn zoontje erg veel last van eczeem en hij sliep hierdoor heel slecht. Ik dus ook. Twee jaar gebroken nachten, de (extra) zorg voor mijn dochter, én een baan hadden op den duur zijn tol geëist. Toen heb ik mijn baan uiteindelijk opgezegd om meer tijd aan mijn kinderen en mezelf te kunnen besteden. Gelukkig is dit financieel mogelijk, en dat is een luxe.

Hoe lang schrijf je al?

Als zevenjarige schreef ik al hele verhalen in mijn schoolschriften. Als tiener schreef ik niet; veel te druk met puberen, haha! Vanaf mijn vijfentwintigste schreef ik af en toe voor de ‘fun’. Dan liet ik het mijn familie of vrienden lezen.

Met de komst van internet werd dit een stuk gemakkelijker. Ik stuurde bijvoorbeeld verhalen en/of brieven naar tijdschriften en sinds 2002 naar de rubriek ‘Wat U Zegt’ van dagblad De Telegraaf . De eerste keer was het meteen raak en de keer erop ook. Dat smaakte naar meer. Maar sinds de ontdekking van Hyves ben ik pas echt gaan schrijven. Gewoon voor mijn plezier. Laatst werd mijn column nog geplaatst in dagblad De Pers.

Heb je speciale cursussen/ opleidingen gevolgd?

Als je een schrijfcursus- of opleiding bedoelt: nee. Nóg niet. Ik schrijf in eerste instantie gewoon op wat er in me opkomt. Ook als ik niet achter de computer zit. Inspiratie komt bij mij altijd onverwachts. Alles wat binnenkomt, schrijf ik direct op een kladje. En als ik tijd heb, ga ik ervoor zitten. Dan werk ik het uit en speel ik met woorden. Jammer genoeg word je op den duur een beetje blind van al die woorden. Soms zie ik dus niet meteen mijn taalfouten. Op Schrijven.org kan ik echter wel heel goed terecht voor tips en ervaringen van andere schrijvers.

Op hyves staat je column altijd in de top 10: hoe heeft zich dat zo ontwikkeld?

Niet altijd, hoor. ;-) Ik ordende al schrijvend in eerste instantie mijn gedachten vanwege de zorgen om mijn dochter. Daarna schreef ik ook over andere dingen. In het begin had ik niet zoveel bezoekers, maar na wat ‘uitgelichte blogs’ werd dat al snel anders. Vooral als ik over maatschappelijke en gevoelige onderwerpen schreef zoals borstvoeding. Dat blog leverde in een week tijd 400 reacties op.

Sinds 31-7-2006 ben ik lid, maar de eerste vijf maanden deed ik er helemaal niets mee. Mijn eerste blog kwam dus veel later. Echt actief werd ik pas toen ik merkte dat bezoekers steeds vaker terugkwamen om mijn verhalen te volgen.

Ik had mijn minder goede ervaringen met borstvoeding opgeschreven en sommige vrouwen waren daar boos om. Meestal worden mensen boos omdat ze niet goed lezen en alles op zichzelf betrekken. Zo schreef ik bijvoorbeeld dat ik mij een koe voelde tijdens de borstvoedingsperiode. Kreeg ik een boze reactie van iemand met de opmerking: ‘ik ben toch geen koe omdat ik borstvoeding geef!’

Nee, ik schreef ‘dat ík mij een koe vóelde’. Dat is heel wat anders. Sommige lezers nemen mijn columns (of zichzelf) veel te serieus en zien de ironie niet. Dan denken ze dat ik ‘zeur’, terwijl ze niet door hebben dat ze zelf eigenlijk ‘zeuren’. Want wanneer je er de humor niet van inziet ligt dat wellicht aan je eigen instelling. Maar smaken verschillen natuurlijk ook. Iedereen heeft weer een andere smaak als het om humor gaat.

Via mijn blogs ontdekte de redactie van Ze (een online vrouwenmagazine) mijn schrijfsels. Ze vroegen me of ik voor hen wilde gaan schrijven. Een groter compliment kon ik niet krijgen! Lezers kwamen steeds vaker terug om mijn blogs te volgen, en als ik een tijd niet had geschreven, begonnen ze er zelfs om te vragen. Uiteindelijk had ik dusdanig veel vaste lezers dat ik er een publieke hyves van maakte. Zo was het een stuk gemakkelijker alle ‘fans’ op de hoogte te houden van nieuwe blogs. Nu heb ik zo’n 500 leden.

Je reageert vaak op de rubriek 'Wat u zegt' in de Telegraaf: wat motiveert je te reageren?

Ik heb een abonnement op De Telegraaf. Mijn ouders lazen die altijd, en ik nu dus ook. Ik vind het gewoon een prettige krant om te lezen. Lekker luchtig, niet te zwaar. Sinds ik moeder ben maak ik me drukker om wat er gebeurt in onze samenleving. Ik heb overal wel een mening over. Het ligt wel aan het onderwerp; het moet me aanspreken. De brievenrubriek geeft een goed beeld van wat er in onze maatschappij speelt en wat er leeft bij de burgers.

Mijn eerste brief ging over het al dan niet toedienen van ‘dwangvoeding’ bij Volkert van der Graaf, toen hij in hongerstaking ging. Je komt er overigens niet zomaar in, je brief moet kort en bondig zijn. En je moet het natuurlijk wel netjes houden. Het lukt me vaak, maar niet altijd.

De redactie maakt immers een selectie van al die inzendingen. Als ik iets lees in de krant waarvan ik bij voorbaat al weet dat veel mensen hierop zullen reageren, dan reageer ik juist niet. Ik reageer liever op een minder opvallend artikel. Dan is de kans dat je brief geplaatst wordt het grootst.

Wilde je altijd al schrijfster worden?

Als kind riep ik dat wel, maar ik riep ook dat ik iets wilde gaan doen met tekenen. Ik tekende bijvoorbeeld stripverhaaltjes. Een leraar op de basisschool vroeg steeds weer om nieuwe strips; hij vond ze helemaal geweldig. Nooit wat mee gedaan. Daarna wist ik helemaal niet meer wat ik wilde doen. Ik dacht er ook niet zo over na. Ik neem veel dingen zoals het komt. Wel wilde ik iets creatiefs gaan doen.

Maar na de middelbare school moest er gewoonweg geld verdiend worden en de eerste de beste baan die ik krijgen kon nam ik meteen aan. Sinds ik gestopt ben met werken heb ik het schrijven weer opgepakt en zo is toch nog mijn eerste boek ontstaan. Het liefst zou ik een column willen in een tijdschrift. Maar die gaan helaas naar de BN-ers.

Heb je geprobeerd het boek uit te geven via een reguliere uitgeverij?

Hier moet ik even uitgebreid op ingaan. Pas na de vele positieve reacties op mijn blogs en ‘adviezen’ uit mijn omgeving om hier iets mee te doen, ging ik surfen op het internet naar de mogelijkheden van het uitgeven. Ik had er geen idee van. Ik had ook nog niet zoveel ervaring met het schrijven. Toen ik op internet las dat de kans dat reguliere uitgevers je boek uitgeven maar één procent is, met name als je al in het ‘schrijverswereldje’ zit óf als je bekend bent, dacht ik: laat maar zitten. Zó goed vond ik mezelf nu ook weer niet. Bovendien zijn er maar weinig uitgevers die het genre ‘verhalenbundels’ uitgeven. Ik deed het daarbij vooral voor de lol, had (nog) niet de intentie om er echt serieus mee aan de slag te gaan.

Toen ben ik dus naar een alternatieve manier gaan zoeken. Ik kwam Free Musketeers tegen via de site van AKO. Free Musketeers is een Printing on Demand uitgeverij en toegankelijk voor iedereen die in eigen beheer wil publiceren of zijn of haar werk wil laten uitgeven. Ik heb voor het laatste gekozen. Het proces van acceptatie tot de eerste druk in mei dit jaar, heeft echter vrij lang geduurd, en in die tijd heb ik ruimschoots te tijd gehad om nog beter te leren schrijven. Ik heb intussen ook veel meer columns geschreven, evenals oude schrijfsels herschreven.

Het boek is nu dus heel anders dan hoe ik mijn manuscript in het begin aanbood bij FM. Ik ben nú dus wél nieuwsgierig naar de mogelijkheid en de kans om mijn boek te laten (her)uitgeven via een reguliere uitgever, dus ik heb onlangs wat mailtjes verzonden naar diverse bekende uitgevers. En wat blijkt: er reageerden binnen enkele dagen drie bekende uitgevers (waaronder BZZTôH).

Ze waren zeer positief en zagen mijn columns wel zitten. Maar ik zit voorlopig vast aan een contract, dus dat gaat niet zomaar. Wie weet komt mijn boek over een aantal jaar wel opnieuw uit via de reguliere weg. Tegen die tijd zal mijn schrijftechniek bovendien vast nog beter zijn. En heb ik meer materiaal. Toch voelt het wel een beetje als een winnend lot dat nu aan mijn neus voorbij gaat. Aan de andere kant is het wel weer een erkenning voor mijn schrijfstijl.

Printing on demand boeken hebben toch een bepaald stigma. Er wordt jammer genoeg vaak op neergekeken. Men denkt dan al snel dat het kwalitatief gezien slecht is. Met recensies kan dat ook een belemmering zijn. Sommige recensisten, of lezers, hebben dan al snel een oordeel over het boek nog voordat ze het gelezen hebben. Niet altijd terecht dus, zo blijkt.

Waarom juist Free Musketeers?

Free Musketeers is eigenlijk een mooie middenweg tussen het uitgeven in eigen beheer en het reguliere uitgeven. De drukkosten liggen bij Free Musketeers, en zij bepalen de prijs, als zij je boek uitgeven. Bij de meeste p.o.d. uitgevers moet je de drukkosten zelf betalen. Dat vond ik wat te gortig voor een hobby. Toch heb je ook bij FM nog steeds veel zelf in de hand en dat laatste vind ik een groot voordeel. Zij zorgen bijvoorbeeld wel voor de vormgeving van de kaft, maar je mag de cover ook zelf ontwerpen. Nadeel is dat ze je boek alleen op hun website plaatsen, zoals de meeste p.o.d. uitgevers. De promotie moet je vooral zelf doen en je bent zelf verantwoordelijk voor een foutloze tekst. Maar dat vind ik wel een uitdaging en je leert er veel van.

Wat biedt Free Musketeers?

Ik merk dat FM groeit. Zo hadden ze voorheen niet het veelgebruikte lettertype ‘Garamond’. Nu wel. En het papier was eerst spierwit en dun, zo begreep ik van andere auteurs die daar hun boek hebben laten maken. Mijn boek heeft stevig, dik en roomkleurig papier, zodat het rustiger leest en het boek meer ‘body’ heeft. En de redactie heeft hier en daar wat aangepast, dus je merkt dat ze wel je tekst nakijken. Maar dat geeft geen garantie op een foutloze tekst. Een redacteur is ook maar een mens. Ik zie ook vaak fouten in boeken die via de reguliere weg zijn uitgegeven.

Je kunt bij FM bijvoorbeeld ook meedingen naar de ‘Nieuwe schrijversprijs’. FM ziet vaak opmerkelijk talent in het grote manuscriptenaanbod. AKO wil dit talent extra onder de aandacht brengen via haar winkels. Doel ervan is het stimuleren van onbekend literair talent en kansen creëren op de lezersmarkt. Als je wint, komt je boek in alle 100 AKO-winkels terecht. Wim Niesten, schrijver van ‘Het stille later’, heeft ‘m al gewonnen en zijn boek is nu een groot succes. Het toeval wil dat ook hij naar de rubriek ‘Wat U Zegt’ schrijft. Hij staat tussen mijn hyves-vrienden. P.o.d. uitgevers komen in ieder geval steeds meer in opmars. Het is een moeilijke weg, maar een succesvol p.o.d. boek is niet onmogelijk. Sonja Bakker is er trouwens ook een goed voorbeeld van.

Hoeveel tijd heb je besteed aan het schrijven van dit boek?

Te veel tijd. ;-) Nee hoor, zonder gekheid: Vanaf de allereerste blog tot de eerste druk, heb ik daar in totaal ongeveer een jaar aan gewerkt. Soms gingen er ook weken voorbij zonder dat ik iets schreef. Dan had ik de bekende ‘writersblock’ of ik had het te druk met andere dingen.

Hoe is de voorkant van je boek tot stand gekomen?

De illustratie op de kaft is van Bert Witte, een cartoontekenaar die o.a. voor De Telegraaf  tekent. Zijn tekeningen werden zo nu en dan bij mijn brieven in de rubriek ‘Wat U Zegt’ geplaatst. Ik vind zijn tekeningen heerlijk humoristisch en sarcastisch. Precies wat mijn boek moest uitstralen. Ik wilde per se een stereotiepe huisvrouw afbeelden en zijn manier van tekenen vond ik daar uitermate geschikt voor.

Hoe kwam je aan de titel?

De titel van mijn boek is ook de titel van één van mijn blogs/columns die ik in mijn (we)blog en boek heb geplaatst. Het was een uitgelichte blog dat zeer goed gelezen werd en veel reacties kreeg. Waarschijnlijk juist door de titel. Dus toen dacht ik: dat moet ook de titel worden van mijn boek.

Heb je al plannen voor een volgend boek?

Ik schrijf ondertussen gewoon door. En ik wil schrijfcursussen volgen. Als ik weer voldoende materiaal heb, ga ik er zeker weer een boek van maken. Ik ben ook bezig met een roman. Maar dat vind ik een stuk pittiger dan het schrijven van korte stukjes. Dus die roman, dat duurt nog wel even…En dit keer denk ik dat het wel gaat lukken bij een reguliere uitgeverij, gezien de positieve reacties die ik onlangs van hen kreeg.

Kost het veel geld om zelf een boek uit te geven? Met welke kosten moet je rekening houden?

Als FM je boek maakt, betalen zij de drukkosten. En zij zorgen voor de vormgeving van je manuscript. Wel kun je aangeven hoe je de vormgeving van je boek zou willen hebben, dan houden ze daar rekening mee. Eén keer per jaar ontvang ik de royalty’s over de verkochte boeken.

Breng je je boek volledig in eigen beheer uit, dan moet je de drukkosten zelf betalen. Hoeveel dat gemiddeld precies is weet ik niet, daar heb ik me te weinig in verdiept. Voordeel van het in eigen beheer uitgeven is dan wel weer dat je zelf de prijs kunt bepalen. En je hebt meer winst bij elk verkocht boek. En je hoeft er geen jaar op te wachten.

De promotie doe ik wel zelf, en dat kost natuurlijk geld. Recensie-exemplaren moet ik bijvoorbeeld zelf bestellen (en dus betalen!) om ze te laten recenseren in bijvoorbeeld tijdschriften. Maar dat vind ik een klein bedrag als je het vergelijkt met de kosten van een advertentie.

Wat doe je voor promotie en publiciteit?

Ik plaats advertenties op Hyves en stuur recensie-exemplaren op naar diverse sites en tijdschriften. Maar een uitgelichte blog of een brief in De Telegraaf doet ook wonderen…Ik zit echter nog middenin de promotiefase. Dus wie weet wat er nog volgt. Ik heb ideeën genoeg in ieder geval.

Je boek is bij Bol.com te koop: heb je daar iets speciaals voor moeten doen?

Mijn boek is aangemeld bij het Centraal Boekhuis. Dan wordt mijn boek automatisch ook op bol.com geplaatst. Boekenwinkels kunnen mijn boek dan ook bestellen.

Komt het boek bijv. ook bij de Bijenkorf te liggen?

Het is wel mogelijk dat mijn boek in de winkels komt te liggen. Mijn boek ligt nu bijvoorbeeld wel in een boekenwinkel in Heemstede. Winkels moeten echter wel weten dat mijn boek überhaupt bestaat én ze moeten ‘m wel wíllen inkopen. Dat geldt trouwens ook voor boeken die zijn uitgegeven door reguliere uitgevers.

Je boek komt echt niet zomaar in de winkels terecht, tenzij je al bekend bént. Niet alleen uitgevers, maar boekenwinkels moeten ook interesse hebben in je boek. Maar daar wordt momenteel hard aan gewerkt. Ik ben nog maar net begonnen mijn titel als een olievlek te verspreiden. Ik zie wel wat het oplevert. En of het überhaupt lukt natuurlijk.

Hoe combineer je schrijven met je gezin?

Ik schrijf vooral ’s avonds en wanneer mijn kinderen op school en/of op de speelzaal zitten. Met kinderen om me heen is het echt niet te doen; dat geeft te veel afleiding. Het kan heel storend zijn wanneer je net bezig bent een stuk op te schrijven, terwijl er ondertussen van alles aan je gevraagd wordt. Zo kan ik me totaal niet concentreren. En ben ik langer bezig dan nodig is.

Voor de kinderen is het bovendien niet leuk wanneer mams achter de computer zit. Soms plaats ik een column wel overdag op mijn hyves-pagina als de kinderen thuis zijn, maar dat is zo gepiept wanneer ik die de avond ervoor in een worddocument heb getikt. ’s Avonds wil manlief echter natuurlijk ook wel wat aandacht, of één van de kinderen komen hun bed uit vanwege een droge keel of een snotneus. Dus het blijft schipperen. En wordt het soms veel te laat.

Hoeveel tijd per week besteed je aan schrijven?

Momenteel besteed ik meer tijd aan het promoten van mijn boek, dan aan het schrijven zelf. Maar het schrijven van een beetje column of bladzijde kan wel een paar uur duren. Het ligt er ook aan of ik een ‘writersblock’ heb of niet. Meestal kan ik moeiteloos, met de juiste ingrediënten, als een soort Gordon Ramsay een best smakelijke column op tafel zetten, al zeg ik het zelf. Maar er zijn ook tijden dat ik het gevoel heb dat ik tevergeefs een overvolle vuilniszak uit de afvalemmer probeer te rukken. Meestal laat ik het dan gewoon even los en komt er op een heel onverwacht moment altijd wel weer wat inspiratie. Dan móet ik het meteen opschrijven, al sta ik middenin de supermarkt, anders ben ik het zo weer kwijt.

Wat betekent schrijven voor jou?

Ik heb geen psycholoog nodig. Ik heb Words. Met schrijven zet ik mijn hersenspinsels letterlijk op een rijtje.

Heb je een favoriete schrijfster? Wat vind je bijv. van Daphne Deckers, of Sylvia Witteman?

Ik vind de columns van Saskia Noort heel goed. Zij kan heel treffend en vooral grappig schrijven. De boeken van Daphne Deckers vind ik ook leuk, maar wel iets simpeler. Beide lezen gemakkelijk weg en ze zijn zo heerlijk ‘no nonsense’ en luchtig van toon. En heel herkenbaar. Daar houd ik van. En ja, de boeken van Heleen van Royen vind ik ook heel geestig. Sylvia Witteman lees ik niet. Misschien moet ik dat maar eens doen.

Ik houd van non-fictie boeken of boeken die een enigszins realistisch verhaal weergeven. Voor mij geen hersenkrakende ‘heavy stuff’ of ‘science fiction’ alsjeblieft. Dodelijk saai en vermoeiend. Dergelijke boeken zal ik dan ook nooit schrijven. Ik heb al genoeg aan mezelf.

Meer weten?

Yvonne's website,
Yvonne's blog/hyve

Geen opmerkingen